De hemelschijf van Nebra

De hemelschijf van Nebra
van een ontzagwekkende vondst tot een laptop uit de bronstijd

door Nathalie Cue Gomez

met toestemming overgenomen uit Asatru-EU Herald #2 Yule 2017 (PDF)

Al sinds jaren spreekt de Hemelschijf, een van de meest fascinerende archeologische vondsten van de laatste jaren, tot de verbeelding van wetenschappers en heidenen. Zijn hedendaagse geschiedenis dateert slechts vanaf 19 jaar geleden, maar de oorsprong van de schijf brengt ons vele eeuwen terug in de tijd.

De rechtzaak

In 1999 gingen twee mannen met een metaaldetector en een navigatiesysteem eropuit om op illegale manier hun fortuin te maken in een bos in de Duitse provincie Saksen-Anhalt. De streek is bekend om de vele grafheuvels dus ze hadden een goede kans om iets te vinden, en dat deden ze ook. Ze groeven met een zware hamer in de grond en vonden een schat van twee zwaarden, twee bijlen, een beitel, twee armbanden en een vreemd bord van 32 cm diameter, dat de vinders hielden voor een soort van schilddecoratie. Snel verkochten ze de hele schat aan een handelaar in Keulen, voor 31.000 DM (ongeveer 15.500 euro). De schat veranderde een aantal keren van eigenaar, onder meer via Berlijn en München, waarbij de waarde steeds toenam. Maar omdat binnen twee jaar bekend werd dat de schat wettelijk eigendom is van de staat Saksen-Anhalt, werd die waardeloos voor de fatsoenlijke kunsthandel en eindigde in 2001 in de handen van twee handelaars. Ondertussen was, op initiatief van het Ministerie van Cultuur en Binnenlandse zaken en het Staatskantoor voor Archeologie van Saksen-Anhalt, contact gemaakt met de handelaars, die de schijf voor 700.000 DM hadden aangeboden op de zwarte markt. Staatsarcheoloog Harald Meller ontmoette hen in februari onder het voorwendsel een aspirant-koper te zijn in een hotel in Bazel. Daar nam de Zwitserse politie de Hemelschijf in verzekerde bewaring. De handelaars werden gearresteerd en ook de bijbehorende vondsten werden veiliggesteld. Zo kon eindelijk een van de belangrijkste vondsten van de twintigste eeuw thuisgebracht worden.

Een ontzagwekkende vondst

Nu was het aan de wetenschap. De Hemelschijf van Nebra, zoals die nu bekendstond, werd onderzocht onder verantwoordelijkheid van archeoloog Harald Meller (Staatsbureau voor Erfgoed en Archeologie, Halle), astronoom Wolfhard Schlosser (hoofdobservator aan het Astronomisch Instituut van de Ruhr-universiteit Bochum), archeometallurg Ernst Pernicka (aan de Technische Universiteit van Freiberg in Saksen, Instituut for Archeometrie), en door Christian-Heinrich Wunderlich (productietechnologie, productiereeks van het Staatsbureau voor Erfgoed en Archeologie in Halle), en de Bronstijd-archeologe en -religiedeskundige Miranda J. Aldhouse Green (Universiteit van Wales). In de synchrotronstralingsversneller BESSY werd de Hemelschijf door medewerkers van het Federaal Instituut voor Materialenonderzoek (BAM; nu Helmholtz-centrum) in Berlijn onderzocht.

De wetenschappers moesten elke vorm van bedrog uitsluiten, omdat het allemaal een spectaculaire vervalsing had kunnen zijn. Ze moesten er absoluut zeker van zijn dat het werkelijk om een vondst uit de Bronstijd ging. Dit kon worden gedaan door het uitsluiten van de aanwezigheid van lood in de Hemelschijf. De aanwezigheid van lood zou hebben aangetoond dat hij was gemaakt in de laatste 100 jaar. Voor die tijd was er geen markt voor vervalste bronstijdvondsten. Hun onderzoeken toonden aan, aan de hand van radiocarbondatering van een stuk berk op een van de zwaarden, dat de Hemelschijf was begraven rond 1600 v. Chr. Dus de Hemelschijf zelf is tussen de 3700 en 4100 jaar oud.

Belangrijk bij het uitsluiten van een vervalsing was het patina op de bronzen delen, bestaande uit malachiet en tinsteen in een onregelmatige kristalstructuur, waar een chemisch nagemaakte corrosie een geatomiseerde structuur zou hebben en er altijd chloriden of loodisotopen achtergebleven zouden zijn. Oorspronkelijk gingen er stemmen op dat de Hemelschijf een soort roofbuit was, meegenomen uit het Midden-Oosten, maar al snel, na een radiologisch en chemisch onderzoek door het Instituut voor Archeometrie in Freiburg in Saksen, en met gebruikmaking van de databank van Ernst Pernicka, kon bewezen worden dat het koper afkomstig was uit de Mitterberg-mijnen nabij Salzburg in Oostenrijk. De databank van Ernst Pernicka bevat de chemische samenstelling van 50.000 prehistorische ertsmijnen in Europa.

In de deeltjesversneller BESSY in Berlijn onderzocht het Federale Instituut voor Materialenonderzoek en Testen het verguldsel van de hemelschijf met de SRXRF-methode (Synchrotron Radiation Induced X-Ray Fluorescence Analysis) waarbij geen materiaal hoeft te worden verwijderd of beschadigd. Eerst was aangenomen dat het goud uit enkele mijnen in Roemenië (Transsylvanië) kwam, maar dankzij de databank van Ernst Pernicka kon worden aangetoond dat de chemische samenstelling van het verguldsel identiek is aan goud uit de rivier Carnon in Cornwall in Engeland. Uit diezelfde plaats komt het tin in het brons. De wetenschappers konden ook vaststellen dat er vier creatieve fasen waren bij de vervaardiging van de schijf.

Eerste faseEerste fase: 32 gouden stippen zijn de Plejaden en andere sterren. Verder zie je een kleine maansikkel in goud en een ronde cirkel: de zon of de volle maan.

In de eerste fase werden 32 kleine gouden stippen, een grote cirkel en een kleine maansikkel in goud aangebracht op de Hemelschijf. Zeven van de gouden stippen zijn gegroepeerd in een soort cirkel, en worden geïnterpreteerd als voorstelling van de Pleïaden, terwijl de andere stippen sterren zullen zijn zonder verdere specificatie. De kleine maansikkel wordt gezien als de wassende (toenemende) maan. De grote cirkel kan een verbeelding zijn van ofwel de zon ofwel van de volle maan. Wat we hier zien, en dit is heel bijzonder, is de oudste bewaard gebleven artistieke afbeelding van de hemel gemaakt door mensen in Europa.

Tweede faseIn de tweede fase werden twee bogen in een hoek van 82° geplaatst. Hiervoor werd een van de sterren verplaatst en twee andere werden bedekt door een van de bogen.

In de tweede fase werden twee bogen in een hoek van 82° geplaatst. Hiervoor werd een van de sterren verplaatst en twee andere werden bedekt door een van de bogen. Het goud dat hiervoor is gebruikt, verschilt enigszins van chemische samenstelling, wat duidt op een ander tijdperk.

 

Derde fase

In de derde fase is een tweede gouden boog toegevoegd, opnieuw met een andere chemische samenstelling maar nog steeds van dezelfde oorsprong. Deze nieuwe boog verschilt van de andere, door zijn versiering met twee longitudinale groeven, en de inkervingen in het bronzen gedeelte. Het wordt doorgaans geïnterpreteerd als zonneschip, zoals we kennen uit Egypte en Zweden.

Vierde fase

In principe kun je deze fase de fase van vernietiging noemen, waarvan het doel niet duidelijk is. Er zijn geen creatieve of artistieke toevoegingen gedaan. Eerst werden er negenendertig of veertig gaten gestanst uit de omtrek van de schijf, elk circa drie mm in diameter. Later werd een van de horizontale bogen verwijderd en hierna werd de hemelschijf uiteindelijk begraven. De laatste schade, die aan de cirkel en het verlies van een ster en het tegenoverliggende noorden, werd veroorzaakt door de plunderaars met hun onprofessionele gegraaf met een hamer.

 

Interpretatie van de eerste fase: een afbeelding van de hemel

Nog steeds zonder de exacte locatie van de vondst te kennen, wat altijd wel belangrijk is om een vondst te begrijpen in al zijn complexiteit, kan de eerste fase van de Hemelschijf worden geïnterpreteerd. Volgens Meller en Schlosser staan de maan en de Pleïaden voor twee data waarop deze sterrengroep zichtbaar is aan de westelijke horizon. Volgens Schlosser hadden de Pleïaden rond 1600 v.Chr. hun achronische ondergang op de 10e maart en hun heliacale ondergang op de 17e oktober (Gregoriaanse kalender). Schlossers chronologische bijlagen van de Pleïaden-standen zijn herhaaldelijk weersproken in de vakliteratuur, omdat afhankelijk van het weer en zichtbaarheids-omstandigheden de afzonderlijke ondergangen op verschillende dagen werden waargenomen. De fluctuatiemarge is ongeveer zes dagen. Op de maart-datum, als de maan in conjunctie was met de Pleïaden, was het een smalle sikkel kort na nieuwe maan. In oktober was de maan vol in elke conjunctie. Zodoende kan de Hemelschijf hebben gediend als een herinnering (Meller: memogram) voor het bepalen van het boerenjaar, van de voorbereiding van het veld tot het voltooien van de oogst.

Een andere zeer interessante interpretatie van de eerste fase van de Hemelschijf kwam van de astronoom Ralph Hansen. Hij beschreef dat de dikte van de wassende maan gelijk is aan de voorjaarsmaansikkel die aan de hemel kan worden gezien vier dagen na nieuwe maan. Nu kan de positie van de maansikkel ten opzichte van de Pleïaden zoals die op de Hemelschijf is afgebeeld slechts ongeveer eenmaal in de vier jaar worden gezien. Er kan daarom vanuit worden gegaan dat de Nebra-Hemelschijf een vroege regel toont van een schrikkeljaar, op dezelfde manier als werd gevonden op de Venus-tafels van de Ammi-saduqa (Babyloniërs) en de (Assyrische) Mul.apin kleintabletten. Deze regel bepaalt dat als de Lentemaan in het voorjaar de Pleïaden ontmoet op vier dagen na nieuwe maan, een schrikkelmaand moet worden geïntroduceerd in de kalender. Hieruit kan men afleiden dat pogingen om het maanjaar (354 dagen) en het zonnejaar (365 dagen) te harmoniseren al zo vroeg zouden hebben bestaan als de Bronstijd.

Tenslotte de locatie van de vondst

De politie ontving een tip die uiteindelijk leidde tot de arrestatie van de schatzoekers, die de vindplaats verklapten. Een eerste onderzoek van deze plek bevestigde de indicatie van de schatzoekers. Deze vindplaats is een prehistorische top van een 252 meter hoge heuvel in de Ziegelroda ongeveer vier kilometer ten westen van de stad Nebra, bekendstaand als Mittelberg (centrale heuvel), te midden van het Ziegelroda-bos. De omgeving eromheen staat erom bekend als neolithisch (uit de Steentijd), en het Ziegelroda-bos bevat ongeveer 1000 grafheuvels. De plek op de toen waarschijnlijk onbegroeide berg werd waarschijnlijk al gebruikt in de Steentijd, mogelijk als observatorium. Op de top van de berg werd in een latere periode een ringvormig bolwerk gebouwd.

Laten we, alvorens terug te komen op enkele interessantere interpretaties van de latere fasen van de Hemelschijf, nu de waarschijnlijke vindplaats bekend is, een blik van dichterbij werpen op de locatie. De Mittelberg is tamelijk dichtbij enkele andere echt interessante archeologische sites, waaronder de cirkelvormige gracht van Goseck en de Leubinger grafheuvel.

De cirkelvormige gracht van Goseck ligt op ongeveer 20 kilometer van de vindplaats van de Hemelschijf. De bouw van het houten Henge-monument dateert uit omstreeks de 49e eeuw v. Chr., en hij lijkt in gebruik te zijn gebleven tot ongeveer de 47e eeuw v. Chr. Het zou daarom een van de oudste en best bekende cirkelvormige behuizingen zijn geweest geassocieerd met het Midden-Europese Neolithicum. De cirkel bestaat uit een concentrische greppel van 75 meter (246 voet) dwarsdoorsnede en twee palissaderingen met ingangen die in lijn waren met de zonsopkomst en zonsondergang op de dagen van de winterzonnewende.

De grafheuvel bij Leubingen is een ‘prinselijk’ graf uit Leubingencultuur van de vroege Bronstijd, (die, na volgende vondsten bij Auntjetitz, Tsjechië, bekend werd als de Auntjetitz- of Únětice-cultuur), daterend uit ongeveer 1940 v. Chr. Hij ligt nabij de Kyffhäuser-heuvels in Leubingen, Oost-Thüringen, ongeveer 40 km van de Mittelberg. Met een hoogte van ongeveer 8,5 m, een diameter van ongeveer 34 m, een omtrek van 145 m en een bouwvolume van 3270 m3, is het de grootste in zijn soort. Gezien de inspanningen die nodig waren voor de bouw, en de kwaliteit van de grafgoederen, moet de begraven persoon van groot belang zijn geweest. En wat misschien ook interessant is, is dat het graf een stenen strijdhamer bevatte en een rechthoekige steen die wordt geïnterpreteerd als een aambeeld.

De hele regio tussen de rivieren Untrut en Saarle stond in de Bronstijd bekend als een knooppunt van handel. Vanuit het zuiden kwamen ruwe grondstoffen en sieraden; zout en gereedschappen uit Midden-Duitsland en de barnsteen vanuit het noorden werd verhandeld via Griekenland naar Egypte.

Interpretatie van de tweede fase: de horizontale bogen

Zoals eerder genoemd, was de Mittelberg in de tijd van de Hemelschijf kaal, zonder het diepe bos dat heden ten dage de heuvel bedekt. In het verleden was deze heuvel het hoogste oriëntatiepunt waarvandaan je niet alleen kunt zien wat er gebeurt tot kilometers ver, maar het was ook een perfect uitkijkpunt naar de nabije Harz, een relatief lage bergketen of hooglandgebied met de Brocken, ook wel Blocksberg genoemd, als hoogste piek. De uitgebreide horizon vormt een grote boog die een hoek van 82 graden bestrijkt, net als de zonsopkomst en zonsondergang tussen de winter- en zomerzonnewende aan de kim op deze breedtegraad. Als de Hemelschijf horizontaal was gepositioneerd op de Mittelberg, de denkbeeldige lijn volgend vanaf het bovenste eind van de linkerboog naar de onderkant van de rechterboog naar de top van de ongeveer 85 km verre Brocken, kon de schijf worden gebruikt als een kalender om het zonnejaar bij te houden. Gezien vanaf de Mittelberg gaat de zon tijdens de zomerzonnewende onder achter de Brocken. Voor de aanname dat de rechterboog die is die aan de westkant de zonsondergang markeert, spreekt zijn nabijheid tot de overhellende wassende maan, die in de constellatie hierboven wordt verlicht door de ondergaande zon. Of de Hemelschijf in deze staat werd gebruikt als een instrument om de zonnewenden te bepalen, of dat hij slechts de kennis weergeeft van deze bepalingsmogelijkheden, is onzeker. Tamelijk zeker is dat de Hemelschijf veranderde van een nachtobject of -instrument naar eentje met ook een dag-functie, door de toevoeging van de horizontale bogen.

Zomerzonnewende: de schijf is aangepast door de Mittelberg in een lijn te brengen met de Brocken. Vertoond wordt de zonsondergang.

Begin van herfst en lente: zicht op de zonsondergang tijdens de equinox. De zon staat op dit moment 41 graden verder naar het zuiden – de oriëntatie van de schijf is onveranderd.

Winterzonnewende: de zonsondergang heeft zijn zuidelijkste punt bereikt en is nu 82 graden links van het noordelijkste punt – de oriëntatie van de Brocken is niet gewijzigd.

Aangezien de bogen verwijzen naar zonneverschijnselen, is het aannemelijk dat de ronde schijf van voorstelling is veranderd, van het afbeelden van de maan naar vertegenwoordiging van de zon. De locatie was beslist van enorm belang op de Nebra-Hemelschijf te interpreteren, omdat zonder de Mittelberg als observatorium het niet mogelijk was om de horizontale bogen te verbinden met de Brocken en de zomer- en winterzonnewende te observeren. Als je dit in verband brengt met de cirkelvormige gracht van Goseck en andere henge-monumenten die werden gebruikt om de zonnewenden te bepalen, is dit werkelijk een technisch hoogstandje: een soort Stonehenge in zakformaat, vergelijkbaar met de handzame laptops van nu tegenover de eerste computer, die een hele kamer vulde.

Interpretatie van de derde fase: Een culturele uitwisseling of cultisch doel?

De laatste toevoeging aan de schijf was nog een gouden boog met twee ongeveer parallelle longitunale groeven, wat wel is geïnterpreteerd als een zonneschip, zoals bekend van Egyptische en Minoïsche afbeeldingen. De boog bevindt zich aan de lange zijden van korte inkepingen in de bronzen plaat, vergelijkbaar met de representatie van roeiriemen op andere afbeeldingen van Bronstijdschepen uit Griekenland en Scandinavië. Deze toevoeging heeft waarschijnlijk geen kalenderfunctie; hij kan de nachtelijke tocht van de zon verbeelden van het westen naar het oosten. Of daaruit kan worden afgeleid dat er in de Bronstijd culturele uitwisseling was tussen Centraal-Europa en het Midden-Oosten is nog onzeker. In het bijzonder deze toevoeging suggereert dat de Hemelschijf ook voor cultische doeleinden werd gebruikt.

Verschillende interpretaties en theorieën zijn gebaseerd op een cultisch gebruik van de hemelschijf. De symbolen zoals de zon (of de volle maan), de horizon voor de zonnewenden, zonneschip, maansikkel en sterren zijn afzonderlijk ook gevonden in andere Europese gebieden. Ze lijken door de makers van de Hemelschijf bewust te zijn samengebracht en getuigen daarmee, volgens sommige wetenschappers, van een complex en pan-Europees geloofssysteem. Anderen spreken van een voorwerp van sjamanen of stamhoofden, wat astronomische interpretaties uitsluit en geen verband houdt met het Midden-Oosten.

De meeste wetenschappers zijn het erover eens dat de Hemelschijf, in de tijd dat de veertig gaten werden geslagen in de rand van de schijf, zijn oorspronkelijke doel verloren had. In het algemeen wordt aangenomen dat de gaten werden gemaakt om de Hemelschijf te bevestigen aan een soort vaandel.

En tenslotte werd hij begraven. Niet als een grafgift voor een belangrijk persoon, zoals de artefacten die in de Leubingentombe zijn gevonden. De Hemelschijf werd op zichzelf begraven, met alle eer die in de Bronstijd werd verleend bij een belangrijke begrafenis, zoals het meebegraven van twee soorten van elke grafgift, en in dit geval: met bronzen zwaarden, bijlen en gouden armbanden; echt waardevolle giften.

Enkele gedachten

Hoe meer ik lees over de Hemelschijf en zijn veronderstelde kalenderfunctie, vooral om de seizoenen te voorspellen voor de landbouw, des te minder overtuigt het idee me.
Ook vandaag nog hangt het zaaien meer af van het weer, of we een lange en koude winter hebben of een mildere winter, dan van een speciale dag op de kalender. Waarom was het zo belangrijk om precies te weten wanneer de zonnewenden waren dat de mensen in de Steentijd zo vreselijk veel moeite deden om henge-monumenten te bouwen? Als we alleen al kijken naar de cirkelvormige monumenten, met hun grondwerken en houten palissaden, was dat werk voor een hele gemeenschap gedurende meerdere dagen of zelfs weken. Het moest wel iets bijzonders zijn om zoveel tijd aan te besteden, dan voor een enkele en ietwat onnodige herinnering aan het boerenjaar. Nog interessanter is dat deze moeite om iets te bouwen of op te richten dat de zonnewenden markeert niet iets lokaals was en gedurende langere perioden belangrijk bleef.
Voorlopig kennen we de precieze redenen niet. We zullen zien wat de toekomst in petto heeft. Maar voor nu denk ik dat het goed is als we de zonnewenden vieren, en om daarbij alle voorouders, die datzelfde sinds duizenden jaren hebben gedaan, te gedenken en eren.

Replica van de Hemelschijf

Replica van de hemelschijf zoals hij er gedurende zijn gebruik uit zou hebben gezien. De groene malachietlaag werd pas gevormd na het begraven van de schijf.

Bronnen

Wikipedia;
Arche Nebra-museum;
Förderverein Himmelsscheibe von Nebra e.V.;

op YouTube:
Terra X Herr der Himmelsscheibe Nebra,
Das Geheimniss der Himmelsscheibe von Nebra,
Die Himmelsscheibe von Nebra – Stoner Frank & Frei,
Kathadralen der Steinzeit – Himmelsscheibe von Nebra

Afbeeldingen en tekeningen

Alles via Wikimedia Commons:
hemelschijf door Dbachmann;
zwaarden door Dbachmann
beitel, bijlen en armbanden: Dbachmann
alle tekeningen door Rainer Zenz;
mul.apin onbekend;
grafheuvel Leubingen door Regani;
Goseck (reconstructie observatorium) door Kreuzschnabel;
hemelschijfreplica door Von Daag

Dit bericht is geplaatst in Artikelen met de tags , , , . Bookmark de permalink.