Websites – Lugnasadh 2012

Logo pagina Webwegwijzer Wiccan Rede Online Magazine

Bezield landschap
door Michiel de Nijs, verschenen in Heidens Jaarboek 2011, uitgave van Nederlands Heidendom)
“Al vanaf jonge leeftijd heb ik een fascinatie voor landschappen. Als kind namen mijn ouders en opa’s me regelmatig op sleeptouw op wandel- en fietstochten door vooral het Noord-Hollandse landschap. Toen ik oud genoeg was om er alleen op uit te trekken pakte ik regelmatig de fiets om die prachtige plekken buiten de plaats waar ik woon te verkennen. Soms zat ik dan een tijd lang op een duin of dijk het landschap in me op te nemen. Het landschap kwam dan echt tot leven en greep me op een manier die ik toen nog niet onder woorden kon brengen.”
http://drakennest.aanhet.net/Bezield_Landschap.pdf

The shadow knows – by Judy Harrow
“I had trouble writing this essay. It seems overwhelmingly difficult to think or write about the Shadow, even in a theoretical mode. How much more difficult must it be, then, to actually encounter our own personal shadows, the challenges (or challengers) that await us at various points in our inner journeys? ”
http://witchesandpagans.com/Sociology-Psychology-of-Religion/the-shadow-knows-pg42.html

The HedgeWitch Cooks
“Kitchen magic and the way of the witch with Mandy from The Hedgewitch Cooks. Food for your Soul.
The HedgeWitch Cooks is a new kind of a lifestyle and food show. It aims to be a feel-good series in which daily chores become magical rituals with the potential to transform your life.”
http://www.hedgewitchcooks.co.uk/H/Home.html

What Priestesses do
Nadirah Adeye explains what it is that she, as a priestess, does. http://www.patheos.com/blogs/daughtersofeve/2012/07/guest-post-what-priestesses-do/

FireHeart: Pagan Clergy Panel
What does ‘Pagan Clergy’ do? A panel discussion in four rounds was published in the magazine FireHeart, between 1988 and 1993. But it is still referred to as a source of stimulating, provocative and even prescient ideas which remain relevant for the community today.
Judy Harrow, Isaac Bonewits, Oriethyia, Sab Webster and Andras Corban Arthen express their views.
http://www.earthspirit.com/fireheart/pclergy1.html

Geplaatst in Web Wegwijzer | Getagged , , , | Reacties uitgeschakeld voor Websites – Lugnasadh 2012

Recensie: Janet Werner; Luister naar je ziel (kaarten)

Doosje met 50 kaarten 6,6 x 10 cm
ISBN: 978 90 77408 84 1
Prijs: € 9,95
Uitgever: A3 boeken 

50 Kracht- en troostkaarten zegt de verpakking van het zacht blauwe doosje. Ik vind de meeste van dit soort decks al zo gauw ietwat zweverig hebben, ze geven boodschappen die al snel overal op kunnen slaan.

Maar ik heb dit toch aangeschaft, omdat ik inmiddels weet dat A3-boeken goede boeken heeft, die allemaal het lezen waard zijn, en ik hoopte dat dat dus ook met de kaarten zo zou zijn.

Iets sceptisch als ik ben, ben ik iedere dag een kaart gaan trekken, gewoon zonder vraag, net zolang schudden totdat er eentje uitvalt, mijn boodschap voor die dag dus. En eigenlijk werd ik verrast door de teksten op de kaarten.

Mooie sierlijke blauwe letters geven lange en korte boodschappen, en ik kan er wat mee. Ze geven geen oplossingen, maar omschrijven precies hoe ik me voel, of geven aan waar het knelpunt ligt, hoe mijn gedachten zijn, dat soort informatie. Raar genoeg zegt iedere kaart die ik nu trek iets over mijn gemoedstoestand, over datgene wat mij dan bezighoudt. Het kan soms slaan op iets van een vorige dag, maar het geeft een handvat aan mijn gedachten.

Het zijn inderdaad kracht- en troostkaarten zonder zweverige boodschappen, maar met juist duidelijk boodschappen, duidelijk te begrijpen en toepasbaar voor mij.

Kortom, ik vind het een heel fijn deck, ben blij dat ik daar tegenaan ben gelopen, en het geeft inderdaad datgene wat er op het doosje staat. Ze helpen je naar je ziel te luisteren in tijden van verdriet en eenzaamheid. En aangezien dat het leven vol van zulke momenten zit, is zo’n klein handvat wel erg fijn.

Geplaatst in Boeken, Recensies | Getagged , | Reacties uitgeschakeld voor Recensie: Janet Werner; Luister naar je ziel (kaarten)

Hekserij in Holland, een verslag

Logo rubriek 'Gedachten' in Wiccan Rede Online Magazine
“Hekserij in Holland”  – een verslag van Marije Verkerk

Op 12 april organiseerde het Instituut voor Godsdienstwetenschappen
van de Universiteit Leiden het symposium ‘Hekserij in Holland’. Het oorspronkelijke idee was dat twee heksen zouden optreden als gastsprekers voor studenten die een vak over Nieuwe Religieuze Bewegingen en New Age volgden. Dit trok echter zoveel belangstellenden, dat werd besloten om een openbaar symposium te houden. Een goede keuze; de zaal zat vol en de sprekers waren interessant en vulden elkaar goed aan.

De sprekers

De twee sprekers waren Morgana en Miranda.
Mensen die bekend zijn met hekserij zullen de eerste naam herkennen; deze hogepriesteres is een bekend gezicht in de hedendaagse (Gardneriaanse) wicca en werkzaam bij onder andere de organisatie voor paganisten wereldwijd, de Pagan Federation International (PFI) en bij het tijdschrift Wiccan Rede. Zij sprak over haar persoonlijke ontmoeting met moderne hekserij en de ontwikkelingen in de beweging vanaf de late jaren ’70 tot nu.

Miranda studeerde in 2005 af in Wereldgodsdiensten aan de Universiteit Leiden. Op dit moment is zij bezig met promotie-onderzoek naar de neo-Germaanse beweging Ásatrú. Zij kwam in haar jeugd in aanraking met hekserij en is sinds haar zestiende heks. Zij vertelde over haar weg van evangelisch christendom naar wicca, het bouwen van een altaar, de voor- en nadelen van een getatoeëerde pentagram op je arm, en haar zoektocht naar contact met het goddelijke en naar gelijkgestemden.

Morgana

Het voornaamste doel van de lezing van Morgana was om een historische schets te geven van de moderne hekserij. Deze begon in 1951, toen in Groot-Brittannië de wetgeving die hekserij strafbaar stelde werd aangepast. Gerald Gardner bracht ‘oude kennis’ samen en initieerde daarmee de moderne hekserij (of, zoals hij het zelf zag, een reconstructie van eeuwenoude hekserij). Er is discussie over de oorsprong van de ideeën en rituelen die Gardner naar buiten bracht. Een geliefde theorie is dat hij een eeuwenoude stroming, die tijdens de kerstening van Europa ondergronds ging, weer aan het licht bracht. Wetenschappelijk gezien is er weinig bewijs voor deze continuïteit.

Wel staat vast dat occulte groepen die vanaf de Renaissance ontstonden, en die tijdens de negentiende eeuw opbloeiden, hebben bijgedragen aan de hekserij. Morgana noemt wicca een ‘scavenger religion’: het neemt wijsheid en rituelen uit allerlei stromingen in zich op. Voorbeelden zijn shamanisme en animisme, maar ook antroposofie, occulte beweging The Golden Dawn en Aleister Crowley hebben hun steentje bijgedragen. Ze wijst ook op de overeenkomsten met de katholieke liturgie; veel paganistische gebruiken en goden zijn geïncorporeerd in het christendom, zoals de naamdag van Sint Johannes (24 juni) die is afgeleid van het midzomerfeest. (Oud-)vrije schoolleerlingen zullen dit ook herkennen.

Morgana kwam zelf in 1979 in contact met hekserij toen ze tijdens een vakantie in Engeland een oproep zag van een coven die nieuwe leden zocht. Dit is overigens vrij ongebruikelijk; over het algemeen is de hekserij terughoudend in het werven van leden en wordt het aansluiten bij een coven door nieuwelingen ontmoedigd. Toch ontving Morgana in datzelfde jaar haar inwijding en was zij dus wiccapriesteres. Het zou nog vijf jaar duren voor zij en haar partner (die dit proces samen met haar doorliep) zich bekwaam genoeg voelden om ook anderen in te wijden. Wel was zij direct overtuigd van het belang van wicca en zette zij zich in om de beweging te laten groeien. Ze benadrukte dat inwijding niet nodig is om de goden en godinnen te eren. ‘Als heks ben je altijd op reis, op zoek naar boodschappen van goden en natuurgeesten’. Een inwijding is hiervoor niet noodzakelijk, maar toewijding en hard werk is dat wel.

Vanaf de jaren ’80: groei en misverstanden

Tijdens de jaren ’80 en ’90 van de vorige eeuwen groeide de bekendheid van de moderne hekserij. Populaire cultuur heeft veel gedaan voor de bekendheid en populariteit onder jongeren. Morgana zei hierover dat ze het ‘prachtig’ vindt. Het heeft misverstanden en vluchtige interesse veroorzaakt, maar ook gezorgd voor serieuze geïnteresseerden.

In de eerste jaren van de 21e eeuw werd het internet steeds belangrijker. Dit zorgde voor een breed bereik maar, zo waarschuwde ze, er wordt ook veel onwaarheid verkondigd. Een voorbeeld is de schromelijke overdrijving van het aantal slachtoffers van de heksenvervolging. Precieze aantallen zijn onbekend, waarschijnlijk zit het ergens rond de 40.000. De negen miljoen die soms genoemd wordt, is dus onzinnig. Morgana was hier feller op dan ik had verwacht, maar het is in lijn met haar verklaarde liefde voor waarheidsvinding. Onwaarheid hierover doet niets om de moderne hekserij geloofwaardig te maken, is haar standpunt.

Mannen en vrouwen

Ten slotte sprak Morgana nog over de rol van mannen en vrouwen in wicca. Vaak wordt gedacht dat vrouwen, de Godin, en vrouwelijke energie dominant zijn in wicca. Dit klopt deels, maar Morgana wijst dit af; voor haar vullen man en vrouw elkaar aan en werken zij in harmonie. ‘Ik ben geen feminist,’ zei ze, ‘ik geloof in rollen voor mannen en vrouwen’, maar de één staat voor haar niet boven de ander, en in ieder mens zijn beide typen energie aanwezig. Ondanks aandringen vanuit de zaal wilde Morgana er niet aan dat de één domineert over de ander.

Er zijn wel stromingen die de patriarchale verhouding willen omdraaien en die uitsluitend vrouwen toelaten. Deze vallen met name onder de ‘Dianic Wicca’, een stroming uit de VS die een grote nadruk legt op de Godin en die zichzelf beschrijft als feministische wicca. (Over dit onderwerp zal ik nog een keer uitweiden in mijn reeks over vrouwen en religie).

Miranda

Na de pauze nam Miranda het woord.
Zij groeide op in een kleine evangelische gemeente. Na de dood van de leider viel deze gemeenschap uit elkaar. Dit vond zij eerst niet zo’n probleem, maar na enkele jaren begon het bij haar te knagen en miste zij het contact met het goddelijke dat zij in het christendom ervaren had. Enigszins verontschuldigend vertelde ze dat de film ‘The Craft’ in eerste instantie haar belangstelling voor hekserij prikkelde (dit werd beantwoord met herkenning in de zaal, in ieder geval wat betreft de waardering van de film. Hallo, jaren ’90!). Hierop volgt een periode van zoeken naar informatie en gelijkgestemden.

Heks worden: lezen, lezen, praten en lezen

In het boek ‘Hekserij’ van Vivian Crowley ontdekte Miranda haar levensbeschouwelijke thuis, via het obscure tijdschrift Daath kwam ze in contact met mensen die geïnteresseerd waren in hekserij en andere occulte stromingen. Zonder internet tot haar beschikking, maar met het verlangen om meer te weten te komen en om andere heksen te ontmoeten, nam ze contact op met de Pagan Federation en schreef ze een brief naar Morgana, waarop ze hoorde dat ze met haar 16 jaar te jong was om zich aan te sluiten. Ze bleef zich verder verdiepen in de materie.

Ook beginnende heksen die zich nu willen aansluiten worden geadviseerd om eerst meer te lezen. Dit komt voort uit de visie die Morgana eerder deze avond ook uitdroeg: heks ben je niet even voor erbij, het vereist toewijding, hard werken en veel verdieping. Enerzijds stimuleert deze aanpak serieuze kandidaten en overdachte keuzes; anderzijds laat het jonge heksen, vaak heftig worstelend met hun identiteit en keuzes, een beetje aanmodderen. Het heeft veel weg van een eerste initiatie, een proeve van bekwaamheid voor degenen die zich al op jonge leeftijd realiseren dat ze thuishoren in de moderne hekserij.

Uit de kast

De volgende stap voor Miranda was om de rest van de wereld, en met name haar ouders, te vertellen dat ze heks was. Ze vertelde hoe erg ze hier tegenop zag. Hoe ze met knikkende knieën en een informatief boek stevig in de hand geklemd de tuin inliep om haar ouders het nieuws te vertellen. Zijzelf, en waarschijnlijk het publiek met haar, verwachtte niet dat haar evangelische moeder haar heks-zijn zonder meer zou accepteren. Dat viel erg mee. Na haar ‘coming out’ besloot ze zichzelf met een ritueel toe te wijden tot de hekserij. Vanaf dat moment noemde ze zich tegenover de buitenwereld heks. Ook bouwde ze een altaar, waar ze in het begin een soort moederlijke bezorgdheid over uit (‘Niet aankomen! Daar zit mijn energie omheen, straks moet ik het weer reinigen!’). Persoonlijk vond ik het erg vermakelijk hoe ze haar jongere zelf tegelijk levendig en relativerend neerzette.

Tussen neus en lippen door vertelde ze over haar tatoeage, een pentagram op haar bovenarm. Zoals vaker het geval is bij tatoeages riep dit exemplaar veel reacties op: heksen vragen zich af of dat nou moet, zo pontificaal op de arm, satanisten merken op dat ze hem, stom genoeg, ondersteboven heeft staan, en in Egypte verwart men het pentagram met de davidsster en moet ze uitleggen dat ze niet rondloopt met het symbool van het jodendom.

Het eerste contact met echte medeheksen vond plaats toen ze een bijeenkomst van de Pagan Federation in Oudewater bezocht. Ze beschrijft haar houding op dat moment beeldend; het publiek kon duidelijk het gespannen, zenuwachtige en opgewonden tienermeisje voor zich zien dat voor het eerst andere heksen ging ontmoeten. Later bezocht ze het heksencafé in Den Haag waar ze heksen leerde kennen die op dezelfde manier als zij over hekserij dachten. Daar leerde ze ook een nieuw taboe kennen, namelijk de ongeschreven regel dat je niet zelf vraagt hoe je je bij een coven kunt aansluiten.
De vriendschap die ze in het café had opgedaan zorgde ervoor dat ze niet alleen haar geloof hoefde te beleven. Met een groepje van drie of vier heksen heeft ze jarenlang rituelen en vieringen uitgevoerd. Tegenwoordig praktiseert ze weer alleen. Na deze constatering volgde direct een open uitnodiging naar de zaal: als er nog geïnteresseerden zijn om een nieuwe groep te vormen dan moet men maar even mailen.

Nee, het is niet zoals in Charmed

Bij hekserij hoort magie. Natuurlijk, zou je misschien zeggen. Interessant was dat zowel Morgana als Miranda afstand namen van magie in de clichévorm, het aspect van hekserij dat vanzelfsprekend veel aandacht trekt en dat in de populaire cultuur wordt benadrukt. Op de vraag wat het betekende om heks te zijn, antwoordde Morgana in vrij algemene bewoordingen over ethiek, verantwoordelijkheid en volwassenheid. Magie is voor haar vooral: hard werken, zelfreflectie, en verantwoordelijkheid nemen voor de invloed die je hebt op de wereld om je heen. Wicca is de vorm waarin zij dit praktiseert, maar een boeddhist, christen, of agnost had hetzelfde kunnen zeggen. Misschien onbevredigend voor degenen die op zoek zijn naar vonkende ketels, maar dichter bij de kern van wat het betekent om heks te zijn.

Ook Miranda heeft betrekkelijk weinig op met magie. De kern van heks-zijn is voor haar het contact met het goddelijke. De jaarfeesten, rituelen en attributen zijn de uiting daarvan, de vorm waarin ze het giet, maar in essentie slechts bijzaak voor het contact met en het vereren van de goddelijke energie.
Dit kwam ook terug in haar antwoord op mijn vraag hoe ze het had ervaren om op een wetenschappelijke manier naar hekserij te kijken. Wellicht, dacht ze, is ze hierdoor minder romantisch over wicca, en hecht ze minder belang aan de juiste regels en de juiste vorm. Maar de kern is erdoor niet aangetast.

Moderne hekserij is individualistisch. Niet in de zin dat heksen solitair zijn, want covens zijn vaak zeer hecht en gezamenlijk een ritueel uitvoeren is een intieme bezigheid. Er wordt echter veel nadruk gelegd op persoonlijke verantwoordelijkheid en invulling van het geloof. Op de vraag hoe zij god ziet, gaf Miranda naast haar eigen visie nog de toevoeging dat dit voor elke heks weer anders is. Hekserij is de taal waarin zij haar geloof uitdrukt.
Dit geldt in meer of mindere mate voor bijna alle religies; het is een zeer persoonlijk onderwerp. Persoonlijke verhalen als die van Morgana en Miranda geven diepte en rijkheid aan wat anders misschien slechts theorie bestuderen en aapjes kijken is.

Overgenomen van http://marijeverkerk.wordpress.com/2012/04/13/hekserij-in-holland/ met toestemming.

 

Zie ook: http://nieuws.leidenuniv.nl/nieuws-2012/symposium-over-moderne-hekserij.html

http://www.leidschdagblad.nl/regionaal/leidenenregio/article15041473.ece/Symposium-over-Heksen-in-Holland-in-Leiden

 

Geplaatst in Artikelen | Getagged , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Hekserij in Holland, een verslag

Review: The Book of Mirrors

by Luthaneal Adams
Published by Capall Bann 2011
ISBN: 9781861633255 

When Luthaneal began this journal of personal reflections he wasn’t initiated, nor did he ever imagine that his notes would ever become the basis of this book.

In his introduction he writes “This book is a guided tour of my journey with the Wicca and the lessons that it brings me.” And so he begins his journey. Set in England in the last part of the 20th century we catch a glimpse of the social structure and milieu of a young man searching for a spiritual path. He shares his doubts and moments of joy… and also some of the rituals such as ‘Casting a Circle’ he practiced. In the section called Spells he describes a number of workings he did.

His journey continues and he makes acquaintance with a couple who have their own coven. And so begins his Wicca journey in earnest and making copious notes.

Luthaneal describes his own feelings about Wicca practice and asks pertinent questions such as “What ever happened to the Eight-fold Path?” and other equally thought-provoking questions. He also shares with us the moments of doubt, of the moments when one wonders if it is really worth the effort? He discusses too the academic studies versus practitioners’ experiences. How does one study an oral tradition? What is the value of archaelogical finds? All those often quirky questions such as “What is/was the Old Religion?” Is much of it pure fantasy and make-believe?

Luthaeal thinks aloud in his journal… On the Identity of the Gods… “It is a wonder how a supposedly singular priesthood can possess such a variety of views of their deities, and yet regardless all Wiccans appear to work together with great unity and purpose, achieving the results that have been sought after.”

And so the journey continues. Subjects such as Ritual & Magic, various ‘points of contention’, such as the 3-fold Return and working Skyclad, are all discussed. Does he get initiated in the end? Read the book and find out!

This is a valuable book for all of those who seek the Wiccan Path. Luthaneal shares with his reader many thoughts… thoughts which probably cross many seekers. And whether you decide to follow in Luthaneal’s footsteps or just enjoy the ride it makes an interesting read.

 

Geplaatst in Boeken, English articles, Recensies | Getagged , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Review: The Book of Mirrors

Recensie: En de drummers waren vrouwen

Layne Redmond
Vertaling: Isabella Verbruggen
En de drummers waren vrouwen – een spirituele geschiedenis van het ritme
Geesteren, A3-boeken, 2012. 190 p. ISBN 9789077408971
www.A3boeken.nl

Voorkant van het boek En de drummers waren vrouwen

In het Lammasnummer 2010 van Wiccan Rede, de allerlaatste editie op papier, schreef ik over de oorspronkelijke versie van dit boek, ‘When the drummers were women’, dat al in 1997 verschenen was, maar dat ik kort tevoren in de boekhandel had gevonden. Het leek mij bepaald geen gedateerd boek, integendeel. En op YouTube vond ik filmpjes waarin Layne Redmond vol enthousiasme uitlegt hoe zij ertoe kwam te drummen, en hoe je dat precies doet: een framedrum gebruiken.
Layne Redmond heeft kennis boven water gehaald die verloren was gegaan, heeft vrouwen de framedrum terug in handen gegeven. En net zoals met de klank van het element water die je op de drum kunt spelen, als je er met je hand een slag op geeft die door mag klinken, zo verspreidt deze kennis zich als kringen in het water. Ze breiden zich uit en worden groter. Het boek is inmiddels vertaald in een aantal talen, en Layne Redmond heeft cursussen gegeven op meerdere plaatsen op aarde, nadat ze zelf in heel verschillende landen les had gehad van vrouwen die de framedrum nog gebruikten.
Het boek geeft de beelden van vrouwen en drums, van godinnen en priesteressen in vele culturen die framedrums vasthouden en gebruiken, en ook wel sistrums. Beelden uit het Paleolithicum, uit Soemerië, het oude Egypte, Kreta en de Europese Middeleeuwen. En verhalen over sjamanendrums, graanzeven, liederen en ritmes en hoe vrouwen gedurende vele eeuwen religieuze ceremonies leidden. Zeer boeiend om te lezen allemaal, maar nog mooier is het als je door het boek en alle illustraties erin geïnspireerd wordt om ook de drum of de tamboerijn op te pakken en te gaan drummen. De presentatie van het boek vond niet voor niets plaats tijdens een drukbezochte themadag ‘De oerkracht van het ritme’ met drumworkshops door verschillende vrouwen.

(Extra plus voor dit boek: het is in correct en goed leesbaar Nederlands verschenen. Door de vele fouten in sommige andere boeken, krijg ik extra waardering voor vertalers en redacteuren die hun werk goed doen. Ik wil niet overal melden dat er veel fouten in staan, daarom een vermelding bij dit boek, waar het een verademing is dat de taal wel goed verzorgd is).

Geplaatst in Boeken | Getagged , , , | Reacties uitgeschakeld voor Recensie: En de drummers waren vrouwen

Oud nieuws in de verjongingsketel gegooid – Beltane 2012

Logo rubriek Nieuws - Wiccan Rede Online Magazine
Paganisme op school

Dolenthousiast vanwege het vermeende schandaal sprong de Daily Mail in april op het nieuwtje dat scholen in Cornwall bij de godsdienstlessen aan kinderen vanaf 11 jaar ook het paganisme kunnen behandelen: “Scholen worden verplicht hekserij en druïden in de lesstof op te nemen!”

Een woordvoerder van het evangelische Christian Institute meende dat door die “politieke correctheid” de lessen over “christendom en de andere grote religies” nog meer in de knel komen dan ze volgens hem al zitten. De politicus die dit besluit nam, zei dat het christendom nog altijd tweederde van de lesstof uitmaakt. Ook bleek dat er geen sprake is van een verplichting. De syllabus voor godsdienstlessen is vorig jaar herzien en het paganisme is er in opgenomen, zodat men hier desgewenst ook les over kan geven. Een dominee uit het religieus-educatieve adviescommité legde uit dat er in Cornwall veel prehistorische sites zijn en dat het daarom voor de hand ligt om het niet alleen te hebben over Keltische heiligen, John Wesley (stichter van het christelijke kerkgenootschap van de Methodisten) en de geschiedenis van de kathedraal van Truro, maar ook voorchristelijke zaken te bespreken.

Ondertussen gooide Beliefnet het paganisme en de hekserij uit Cornwall op één hoop met zowel zogenaamde Derde-Wereldhekserij (hekserij volgens Afrikaanse en Arabische opvattingen) als met Harry Potter. Wat de discussie niet bepaald verhelderde.

“Kennelijk zijn er twee soorten hekserij,” schreef The Telegraph sarcastisch, “het foute soort waar zwarte mensen in geloven en het soort dat gehuldigd moet worden omdat mensen uit Cornwall er in geloven.” De auteur van het artikel wijst er op dat er geen aantoonbare continuïteit is tussen de voorchristelijke godsdiensten in Brittannië en het moderne paganisme. In 1921 stelde de egyptologe en folkloriste Margaret Murray weliswaar dat het oude geloof behouden was gebleven in geheime genootschappen van heksen, maar haar theorie bleek achteraf gebaseerd op ondeugdelijk onderzoek en slechte argumentatie. “Maar toen was het te laat. Het idee was een hoeksteen (sic) gaan vormen van de religie van Wicca (…), net zo min een oude religie als het Jedi-geloof…”

In 2010 was er overigens al een bericht over dezelfde “bizarre discussie” over paganisme op scholen, destijds in Lincolnshire, gevold door een artikel met in de kop de vraag of pagans onschadelijke zonderlingen zijn, of leden van een gevaarlijke sekte… meer keuze was er blijkbaar niet. Dit laatste artikel was ondanks de titel wel sympathiek. Het negatiefste wat er over pagans werd gezegd, was dat ze zo zichtbaar waren en – ernstiger en gerechtvaardigde kritiek – dat ze na bijeenkomsten nogal eens rommel achterlaten in de natuur, of historische monumenten als Stonehenge beschadigen.

Heksen en religie op de universiteit

Bij de studie Godsdienstwetenschappen aan de Universiteit Leiden wilde men wel een paar echte heksen uitnodigen als gastsprekers bij het vak Nieuwe Religieuze Bewegingen en New Age. Hiervoor bleek zoveel belangstelling te zijn, dat het college werd omgezet in een openbaar symposium. Morgana en Miranda gaven hier hun visie op hedendaagse hekserij in Nederland. Een verslag is elders te lezen in deze editie van Wiccan Rede Online.

Dezelfde universiteit van Leiden kwam een paar dagen later in het nieuws (Trouw, 16 april) omdat een promovendus zijn proefschrift wilde voorzien van een bijbeltekst als motto, maar men hem had verzocht dit te schrappen. Religieuze uitingen zijn wel toegestaan in een dankwoord, maar niet aan het begin van een proefschrift. Daar staat namelijk ook het universitaire logo, legde een woordvoerster van de universiteit uit. Aan andere universiteiten in Nederland heeft men geen richtlijnen over religieuze motto’s of dankwoorden.

Hekserij op het werk

De Oegandese krant New Vision hield begin april bij verschillende bedrijven in en rond Kampala een enquête naar het gebruik van hekserij op de werkvloer. Niet de moderne hekserij ‘van het soort waar mensen uit Cornwall in geloven’, maar het soort dat in Oeganda volgens de Witchcraft Act 1957 strafbaar is met een gevangenisstraf van minstens 5 jaar (!).

Van de respondenten meende 66% dat hekserij op het werk heel gebruikelijk was; 16% wist het niet zeker en 17% dacht dat het niet veel voorkwam, hoewel van die laatsten maar een klein deel (4%) echt zeker van dat antwoord was. “Hoewel het verboden is,” observeert het verslag van dit onderzoek, “gedijt deze zonde overal in het land omdat veel mensen wanhopig zijn.” Uit rapporten uit 2008/2009 blijkt dat Oeganda de jongste bevolking ter wereld heeft én de hoogste jeugdwerkloosheid, te weten 83%.

Op de vraag van de krant, op wat voor manieren men probeert werk te vinden of te behouden of promotie te krijgen, scoorden vooral de antwoorden hekserij, hard werken, seksuele manipulatie, vakkennis en omkoperij hoog. Het vertrouwen in de toekomst van de economie is laag: 69% verwacht dat de hekserij de komende drie jaar alleen maar zal toenemen.

Zondebok

Op Internationale Vrouwendag (8 maart) publiceerde De Morgen een gesprek met Maartje van der Laak, oprichtster van historisch onderzoeksbureau Cleio Historische Producties. Zij wijst er op dat mensen bij tegenslag zoals mislukte oogsten vaak een zondebok zoeken, bijvoorbeeld ‘de Joden’ of ‘de heksen’.

Het opmerkelijke is volgens Van der Laak dat tijdens de Europese heksenwaan van de 16e en 17e eeuw deze zondebok voor het eerst in de geschiedenis overwegend als vrouwelijk werd voorgesteld: “De meeste wetenschappelijke verklaringen voor de heksenvervolging zijn achterhaald dankzij historisch onderzoek. Eén theorie blijft overeind: die van de geïnstitutionaliseerde vrouwenhaat.”

Naar haar mening maakte de Franse Revolutie een einde aan de heksenjachten, maar nam de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen alleen maar toe en duurde het tot de twintigste eeuw voor vrouwen weer rechten kregen en zich weer mochten bewegen op het economische vlak, en heksen, behalve in sprookjes, niet meer als lelijke oude vrouwtjes werden gezien.

Van der Laak verbindt de vrouwenhaat met het veranderde beeld over hekserij, van schadelijke magie tot een pact met de duivel. In het Tijdschrift voor Psychiatrie verscheen in december vorig jaar een bespreking van de studie van Vera Hoorens over Johannes Wier, die nu als pdf-bestand is te downloaden. Hieruit blijkt dat ook in de zestiende eeuw al werd nagedacht over ‘heksen’ in andere termen dan die van demonische toveressen.

Volgens Wier waren de vermeende heksen vaak geestesziek. Bij artsen uit die tijd was bekend dat bepaalde middelen een psychiatrische stoornis kunnen uitlokken en dat mensen elkaar kunnen aansteken in een waan. Wier wees er ook op dat “onfortuinlijke levensomstandigheden (zoals armoede, betekenisvol verlies en minachting)” iemands emotionele evenwicht kunnen verstoren.

Eerherstel

In Keulen, was in februari bij de NOS en elders te lezen, is een comité opgericht voor eerherstel van de plaatselijke slachtoffers van heksenvervolging. De gemeenteraad onderzoekt de mogelijkheden hiertoe en men heeft ook de aartsbisschop aangeraden zich van de heksenprocessen te distantiëren.

In een filmpje van de WDR vertelt de initiatiefnemer, de gepensioneerde dominee Hartmut Hegeler, over de veroordeling van Katharina Henot, de bekendste van de 38 mensen die in Keulen als heks ter dood zijn gebracht. Zij zou de duivelse bezetenheid van een andere vrouw hebben veroorzaakt. Ze werd veroordeeld tot de brandstapel, maar als genade werd ze in plaats daarvan gewurgd en werd haar lichaam verbrand. Zij had een goedlopend postbedrijf gehad en mogelijk vormde dit een bedreiging voor de economische belangen van andere ondernemers, zegt de commentaarstem.

In april trad de heavy-metalgroep Molybdän in Keulen op met een nummer over Katharina Henot. Eerder werd al eens een musical aan Katharina Henot gewijd. De groep Bläck Fööss heeft een lied over haar geschreven, er bestaat een roman over haar, er zijn in Keulen zelfs een straat en een scholengemeenschap naar haar genoemd en op de toren van het raadhuis staat een standbeeld van haar. Maar er is nog nooit officieel verklaard, door het gemeentebestuur of het aartsbisdom, dat haar veroordeling ten onrechte was.

Hartmut Hegener werpt zich niet alleen in Keulen op als verdediger van slachtoffers van de heksenwaan, maar ook bijvoorbeeld in Dortmund en Münster. Hij vertelt dat hij als religieus docent vragen kreeg over de heksenvervolgingen en daar toen niet over wilde spreken. Hij zag liever dat zijn studenten zich met vrolijker zaken bezighielden. Maar hij realiseerde zich toen ook dat hij er heel weinig van af wist en dit heeft hij later willen inhalen. Nu duikt hij als een soort omgekeerde heksenjager, of zoals hij het zelf liever ziet: een moderne Praetorius (1560-1613, Duits tegenstander van de heksenvervolgingen) her en der in Duitsland de archieven in, op zoek naar veroordeelde ‘heksen’.

Ibogaheksenjacht

Volgens Vrij Nederland (28/4) is het woord heksenjacht van toepassing op de zaak tegen Sara Glatt. En daar valt weinig tegenin te brengen, want Telegraaf en AD bestempelden haar als ‘Utrechtse heks’ en ‘ibogaïneheks’. Voor de meeste mensen is het gebruik van plantaardige middelen voor andere dan recreatieve doeleinden nu eenmaal typisch iets wat heksen doen, of daar nu magische of heidense rituelen bij komen kijken of niet. Sara Glatt had een afkickpraktijk waar ze mensen van de drugs afhielp met behulp van ibogaïne.

Ibogaïne is de naam van de werkzame stof in de wortelschors van de Afrikaanse struik Tabernanthe iboga. Deze wortelschors wordt in de Bwiti-religie in Gabon verpulverd ingenomen als deel van rituelen. Het heeft een sterke psychoactieve werking. Velen ervaren hierbij diepe spirituele inzichten waardoor ze gemotiveerd raken om de dingen voortaan beter aan te pakken. Hierdoor is het een geschikt middel gebleken om verslaafden te helpen afkicken. Een onderzoek van de Universiteit van Rotterdam wees overigens wel uit dat afgekickte heroïnegebruikers na verloop van tijd toch weer terugvallen in hun oude gewoonten als ze in hetzelfde milieu van vrienden en dealers blijven rondhangen.

In het televisieprogramma Tribe was ooit te zien dat Bruce Parry iboga gebruikte. In een clipje uit dit programma op YouTube vertelt hij, voorafgaand aan zijn ervaring, dat hij heeft gehoord dat iboga je kan confronteren met de onaangename kanten van je karakter. Hij gelooft wel van zichzelf dat hij een aardig iemand is, maar is toch een beetje zenuwachtig. In een ander gedeelte wordt verteld dat iboga volgens het Bwiti-geloof de gebruikers in staat stelt, door het dodenrijk te reizen en daar visioenen te krijgen die hun leven voorgoed veranderen. In de tweede helft van het ritueel wordt Bruce na zijn gang door het dodenrijk herboren. Hij kruipt in een riviertje door een poort van stokken, die de vulva voorstelt. Tegen het eind van het uitvoerige ritueel krijgt hij een nieuwe naam, gebaseerd op wat hij in zijn visioenen heeft gezien.

Sara Glatt hoorde in 1999 voor het eerst over iboga en werd nieuwsgierig. Haar eerste eigen ervaring met het middel liet haar zien dat het Westen de heilige iboga nodig had. Zij bouwde haar woonboerderij om tot behandelcentrum en hielp daar jarenlang “een groot aantal mensen met zware verslavingsproblemen”, zegt haar advocaat. “Dit was hun laatste hoop om clean te worden; in de meeste gevallen lukte dat.”

Maar in maart 2011 was er een man die volledig doordraaide en uiteindelijk in verwarde toestand de snelweg oprende. Hij werd aangereden door een vrachtwagen en was dood. Sindsdien is Sara Glatts huis herhaaldelijk doorzocht door de politie en er is van alles in beslag genomen. Haar vijf kinderen werden verhoord juist toen zij op Costa Rica uitzocht of daar een filiaal van haar behandelpraktijk kon worden geopend. Maar ‘Mama Iboga’ zoals zij door haar cliënten werd genoemd, mag nu helemaal geen behandelingen meer doen. Haar advocaat noemt dit “demonisering” en “criminalisering”. Iboga staat in Nederland niet op de lijst van verboden stoffen.

Therapeutische paddenstoel

In de New York Times verscheen in april een artikel over een andere psychoactieve stof, psilocybine, en hoe die patiënten in het eindstadium van kanker kan helpen hun angst voor de naderende dood te doen afnemen. Deze stof is vooral aanwezig in de ‘magische paddenstoelen’ of ‘paddo’s’ van het geslacht Psilocybe, zoals het Puntig kaalkopje.

Het onderzoek naar psilocybine bij terminale kankerpatiënten vond plaats onder toezicht van de Amerikaanse psychiater Charles Grob. Stephen Ross en Roland Griffiths doen vergelijkbaar onderzoek. Er zijn momenteel in Amerika meer psychiaters die onderzoek doen naar therapeutische toepassingen van psychedelica: Michael Mithoefer heeft aangetoond dat MDMA (ecstacy) kan helpen bij ernstige post-traumatische stressstoornis en John Halpern past MDMA toe bij doodsangst van terminale patiënten, en heeft geconstateerd dat het gebruik van LSD de symptomen van clusterhoofdpijn beduidend kan verminderen.

Proefpersonen in het pailocybine-onderzoek nemen een aantal betekenisvolle persoonlijke dingen mee naar de sessies, bijvoorbeeld foto’s van geliefden. De onderzoeksruimte in het ziekenhuis wordt voor de gelegenheid prettig aangekleed met mooie stoffen en verse bloemen. De proefpersoon krijgt een donkere zonnebril op die het makkelijker moet maken in zichzelf te keren, en een koptelefoon met ontspannende muziek en natuurgeluiden.

Hoe psychedelica exact de angst voor de dood verminderen, kunnen de onderzoekers niet zeggen. Wel blijkt uit verschillende verhalen dat overweldigende gevoelens van verbondenheid, empathie en liefde worden ervaren, en het is al eeuwenlang bekend dat diepe spirituele ervaringen iemands kijk op het bestaan ingrijpend kunnen veranderen. Een Brits onderzoek lijkt er op te wijzen dat bepaalde delen van de hersenschors, die bij depressieve mensen erg actief zijn, tijdens het gebruik van psilocybine worden uitgeschakeld. Het zou dus kunnen dat onder invloed van psilocybine de ervaringen en herinneringen van de proefpersonen, in een omgeving van bloemen, aangename klanken en dierbare objecten, positief worden geherprogrammeerd.

Rouwclowns

Als een dierbare is overleden, kunnen de nabestaanden hun verdriet trachten te verwerken door rouwclowns te laten optreden bij de uitvaart. Vrij Nederland sprak in februari met Marion Groenenboom en Wilmien Schuurman.

In dit interview vertelden de vrouwen over hun werk als rouwclown, al bleek de essentie moeilijk in woorden uit te drukken. “Ik vertolk de energie van de overledene, en dat brengt een innerlijke glimlach teweeg,” zei Wilmien Schuurman. De voorbeelden die ze gaven van wat daarbij uiterlijk gebeurt, leken te draaien om symbolische uitbeeldingen: een lege jas voor het gemis, een ei als teken van het nieuwe begin, een pluche handpop van een ‘mensenetende’ krokodil als personificatie van de (zachte?) dood.

De Belgische rouwclown Peter Leeman schrijft op zijn website: “De rouwclown maakt geen grappen maar helpt strakke patronen die het rouwen in de weg staan te doorbreken. Door zijn spontane en onbevangen houding gaan mensen minder verkrampen en laten ze hun emoties makkelijker de vrije loop. Huilen kan, lachen mag en applaudisseren lucht ook op.”

De bekendere cliniclowns proberen kinderen aan het lachen te maken om ze af te leiden van hun ziekte, maar rouwclowns helpen juist het verdriet los te maken, vertelde Roelof van Wijngaarden bij de introductie van dit beroep in 2002. Tegenwoordig is hij niet erg actief als rouwclown. Hij hecht veel waarde aan een goede band tussen cliënt en hulpverlener en wil daarom alleen als rouwclown optreden bij een uitvaart van iemand die hij bij leven nog heeft kunnen spreken.

Dodenboek compleet

Nabestaanden in het oude Egypte konden opdracht geven, een Dodenboek te laten schrijven. Een dodenboek is een papyrusrol met een verzameling spreuken die de overledene moesten helpen zijn weg te vinden bij binnenkomst van het dodenrijk. De meeste dodenboeken zijn incompleet bewaard gebleven.

Bij toeval ontdekte John Taylor, curator van de afdeling Egyptologie van het British Museum, bij een bezoek aan het Queensland Museum in Brisbane (Australië), die daar op bezoek was vanwege een reizende tentoonstelling over mummies, in een vitrine stukjes papyrus waarop hij het handschrift herkende: het waren delen van het Dodenboek van Amenhotep, een belangrijke architect uit de 15e eeuw v.C. Hij stond aan het hoofd van de bouw van de Amontempel.

Delen van dit dodenboek bevinden zich verspreid over de wereld: in het British Museum in Londen, het Museum of Fine Arts in Boston en het Metropolitan Museum of Art in New York. Het museum in Queensland wist niet dat het ook een gedeelte bezat. Het was in 1913 aan het museum geschonken door “een vrouw”.

Waarschijnlijk zijn met deze vondst de laatste ontbrekende gedeelten van het Dodenboek van Amenhotep teruggevonden. Als men er in slaagt de verschillende delen aan elkaar te puzzelen tot een compleet geheel, zal er veel duidelijk worden over de manier waarop dodenboeken werden samengesteld, verwacht Taylor.

Poort van de Hades 1

In de Grieks-Romeinse oudheid leerden mensen zich wellicht verzoenen met hun sterfelijkheid in de grotten die bekend stonden als ingangen naar het dodenrijk. In maart las ik over de Alepotrypagrot in Griekenland. Een behoorlijk grote grot blijkbaar die niet alleen circa 160 graven uit de Nieuwe Steentijd herbergt maar ook de resten van een dorp, een binnenmeer en een amfitheater-achtige ruimte.

De grot was duizenden jaren geleden ingestort na een aardbeving en werd pas in 1958 ontdekt. Er werd toen een toeristische attractie van gemaakt met looppaden, lichtshows en een bootje op het binnenmeer, maar toen er steeds meer steentijdaardewerk begon te verdwijnen, werd het toerisme teruggedrongen ten behoeve van het wetenschappelijk onderzoek.

In de grot is het zwart en vettig en er ligt een dikke laag as van de rituele vuren die de steentijdmensen hier hebben ontstoken bij de begrafenissen en herbegrafenissen (er zijn beenderkistjes gevonden). Vermoedelijk werden bij die riten ook dieren geofferd en werd er vaatwerk stukgegooid. De archeoloog George Papathanassopoulos denkt dat deze duistere sfeer kan hebben bijgedragen aan de ideeën over de Hades, het Oud-griekse dodenrijk. Bij Homerus klaagt de geest van de held Achilles dat hij liever een levende dagloner zou zijn dan een koning onder de doden.

Dit zei Achilles tegen Odysseus, die zich in de ingang van de onderwereld had gewaagd om met wat geesten te overleggen. Odysseus sprak ook zijn vriend Elpenor, die vertelde dat niemand wist dat hij dood was en dat hij geen rust kon vinden omdat er geen begrafenisriten voor hem waren uitgevoerd, en de geest van zijn moeder die hij vergeefs probeerde te omhelzen. Maar bovenal wilde hij de schim van de ziener Tiresias om advies vragen. Mogelijk vanwege dit profetische aspect ziet Papathanassopoulos een verband tussen de ‘Hadesgrot’ en latere orakels zoals dat van Delphi, die zich ook vaak in grotten of rotsspleten bevonden.

Poort van de Hades 2

In april stond in een artikel over de vleermuisrijke Tweelingengrot in de omgeving van Jeruzalem, waar archeologen een serie olielampjes uit de Romeinse tijd (tweede tot vierde eeuw) hadden gevonden.

De 42 lampen bevonden zich op een lastig bereikbare plaats in de buurt van een 21 meter diepe schacht. Ze waren ongebruikt en daarom wordt aangenomen dat ze een rituele functie hadden. Waarschijnlijk speelden ze een rol in rituelen waarbij de vruchtbaarheidsgodin Demeter op zoek ging naar haar dochter Persefone, die door de god Hades was ontvoerd naar zijn onderaardse dodenrijk.

De naam Tweelingengrot is gebaseerd op een Arabische overlevering die volgens onderzoekers van de Bar-Ilan Universiteit wijst op heidense rituelen uit de oudheid. Het verhaal gaat namelijk, dat een onvruchtbare vrouw het water dronk dat van het plafond van de grot droop. Hierdoor werd zij niet alleen vruchtbaar maar zelfs moeder van tweelingen.

De legende van de tweelingen zou er ook op kunnen wijzen dat er in de grot rituelen werden voltrokken ter ere van de tweelingbroers Castor en Pollux. Castor was sterfelijk en Pollux onsterfelijk, maar toen Castor in een gevecht werd gedood, wilde Pollux niet van hem scheiden. Hij kreeg het van oppergod Zeus gedaan dat ze allebei half onsterfelijk werden gemaakt. Zij mochten samen, net als Persefone, een deel van de tijd in het dodenrijk en een deel in het leven doorbrengen. (Volgens een andere versie van de mythe werden ze allebei onsterfelijk gemaakt in de vorm van het sterrenbeeld Tweelingen.)

Little Horny Man

© Laboratory for Human Evolutionary Studies – University of São Paulo

© Laboratory for Human Evolutionary Studies – University of São Paulo

In Lapa do Santo, een grote kalksteengrot in Brazilië, zijn resten gevonden van prehistorische graven, as van vuren, overblijfselen van fruit en wild. In 2009 kwam daar een bijzondere rotsgravure bij, waaruit afgeleid kan worden dat ook deze grot werd gebruikt voor vruchtbaarheidsrituelen: de sprietige lijnen stellen een mannetje voor met een grote fallus. In februari dit jaar is het wetenschappelijk verslag hierover gepubliceerd.

Het figuurtje is ongeveer 30 cm lang en heeft de bijnaam ‘Little Horny Man’ gekregen. Koolstofdatering en tests van de aarde die de rotstekening bedekte, wijzen uit dat het tussen de 9.000 en 12.000 jaar oud is. Hiermee is het de oudste rotsgravure van (Noord-, Midden- en Zuid-)Amerika. Een archeologische vindplaats in de omgeving kent soortgelijke tekeningen van mannen met forse fallussen, maar ook van zwangere vrouwen en zelfs een bevallingstafereel.

Flamoeskoeken

In de kookrubriek van Trouw maakte Janny de Moor in het recept voor ‘Griekse sesamkoek met tahin’ (8 maart) melding van een intrigerend feest dat in de oudheid moet zijn gevierd op het eiland Samos. Jongens renden daarbij rond met “sesamkoeken in de vorm van een vrouwelijk geslachtsorgaan (…) die hun rivalen, de jongens van Corcyra, moesten zien te kapen”. Athenaeus zou hierover hebben geschreven.

Ik heb geprobeerd de desbetreffende passage te achterhalen op internet, maar ben daarin niet geslaagd. Wel vond ik in het Dictionary of Greek and Roman Antiquities bij het lemma ‘Thesmophoria’ een beschrijving van dit feest ter ere van Demeter, zoals dat in de lente werd gevierd op Sicilië. Hierbij werden μυλλοὶ (mulloi)-koeken van sesam met honing gegeten. “In de vorm van ἐφήβαια γυναικεῖα” (vrouwelijke geslachtsdelen) voegt de schrijver er aan toe, voor wie nog niet had opgezocht dat mulloi onder meer “pudenda muliebra” (vrouwelijke schaamdelen) betekent.

In een aantekening bij de Engelse vertaling van Ovidius’ Metamorfosen wordt verteld dat in Eleusis de vrouwen op de tweede dag van de Thesmophoria rouwden en niets anders aten dan sesam-honingkoeken. De derde dag daarentegen was een dag van uitbundige vrolijkheid ter ere van Iambe, godin van schunnige en satirische liedjes, die de treurende Demeter eens aan het lachen had gemaakt. Volgens één lezing deed ze dit met een komische dans in de huppelende maat van de versvoet jambe. De grappenmaakster is ook bekend onder de naam Baubo. Zij had de gedaante aangenomen van een oude vrouw en het hoogtepunt van haar grappen en grollen bestond volgens die lezing uit het optillen van haar rok.

Geplaatst in Nieuws | Getagged , , , , , , , | 2 reacties

6 mei 2012 – Volle maan van de Havik, Beltaine


Het is nu 16 maart, het stuk voor de WR-Beltaine moet nu geschreven worden… voor 1 april ingeleverd. Vandaag staat het schrijven ingepland. En ik lees net dat de wilg de boom is van deze volle maan, de volle maan van de Havik. Morgen is de laatste knotdag, de laatste dag van het knotseizoen… hierna laten we de wilgen weer met rust… tot november. Heerlijk om weer de hele winter buiten te hebben kunnen werken met allemaal heerlijke mensen… ik ga nu over op knoffen 🙂 Knoflookpadden zoeken en tellen, hier in de buurt… lol, voor het eerst. Ik dacht dat het een tikfoutje was ‘knoffen’, ik ben knotten zo gewend 🙂

Net terug van knotten… heerlijk weer geweest vanochtend en Sint Patricksday! De Ieren vieren wereldwijd deze dag van de bekendste Ierse heilige “De populaire legende over hem, vertelt over hoe hij de slangen uit Ierland verdreef (vandaar dat er geen slangen zijn op het eiland), en hoe hij de shamrock, een op klaver gelijkend gewas met drie bladeren aan één steel, gebruikte als voorbeeld voor de goddelijke Drie-eenheid van het Katholieke geloof. Hij wordt ook voornamelijk afgebeeld met shamrock in zijn hand, en het plantje is ook een embleem voor Ierland (alhoewel de harp het officiële symbool is).” Zo, even op gegoogled 🙂

De bloemen van het groot hoefblad komen al boven de grond en de jassen hangen aan de wilgen! Aan het einde van de werkochtend komen voor deze gelegenheid de pilsjes en rosé op tafel, we gaan elkaar weer een half jaar niet zien. En we weten niet of we weer voltallig zullen zijn in November… er zijn veel ouderen in de groep. Sommigen kunnen niet meer en soms ontvalt ons iemand, het is niet anders. Een van de vrouwen was er ook weer na lange tijd… haar man is drie weken geleden overleden, na een lang ziekbed…. even bij gepraat. Deze groep heeft vele functies. Ik maak al twee jaar foto’s van het knotten en ben dit seizoen begonnen met portretten van de mensen. Er is zoveel van deze mooie koppen af te lezen… soms teveel en dan maak ik de week erop een praatje met diegene. Want sommige foto’s zijn een open boek van stress en pijn… die stuur ik niet door… ik schiet net zolang tot er een blije, ontspannen foto is. Tot men de dagelijkse ellende achter zich heeft gelaten… al is het maar voor een moment 🙂

De Havik, de vogel van deze maan, had flink huisgehouden op de werkplek van vanochtend. Alle steenuiltjes had hij stelselmatig opgepeuzeld (de uil is de vogel van de maan van dit moment, Volle maan van de Wind). Nu waren er geen meer… de nestkast is leeg. Een dilemma… de steenuil staat op de Rode lijst… maar de havik ga je ook niet afschieten. Beste is maar om zoveel mogelijk plekken te creëren voor de steenuil, in de hoop dat er een paar hele slimme over blijven.

6 Mei 2012 – Beltaine, het feest van het Heilige Huwelijk… het samengaan van het vrouwelijke en mannelijke. Begin van de zomer… vanaf nu wordt en blijft het warmer. Vorige maand kon het nog vriezen, nu niet meer.

De tijd van het naar buiten komen is aangebroken. De hele winter heb je kunnen broeden op jezelf, je wensen, je doelen, je leervragen, je frustraties… nu is het de tijd om jezelf trouw te beloven. Jezelf naar een hoger niveau te tillen, trouw te beloven aan je idealen en je inzichten van afgelopen donkere periode. Je eigen dualiteit te verweven tot één richting gevende speer en te gaan voor de lichtere kant van het jaar! Noem het Ziel en Karakter, Lichaam en Geest of welke tweedeling dan ook… loop jezelf niet voor de voeten 🙂

Ik heb net een prachtige wilgentak gevonden, waar ik de kamperfoelie af heb gewikkeld… er zitten van die verwurgingslidtekens in, een mooie spiraal om de tak heen… een afdruk van samen naar hoger 🙂 Wilg en Kamperfoelie die samen een mooie ‘magic wand’ hebben gemaakt!

Maar nu neem ik jullie mee naar de Volle maan van de Havik van vorig jaar, loop maar mee.

17 mei 2011 – Volle maan van de havik

Omdat er opeens allemaal intenties, van de andere maanvrouwen, mijn inbox binnen kwamen… werd ik wakker 🙂 Het is zowaar alweer volle maan wandeldag… afgelopen zondag was de maan al bijna vol, dus zo vreemd is het niet. Toch overvalt het me, druk bezig met de Midzomerfair Archeon… schoenen aan, staf mee, deur uit!

Het is 21.30 en al donker aan het worden. Het is stil buiten, geen zuchtje wind. De lucht is bezwangerd, een zoete weeë lucht hangt overal. Wat een verrassing lekker er even uit, achter m’n klapdoos vandaan 🙂

De maan van de havik, het weer thuis komen na de donkere tijd van het jaar… het licht tegemoet. Wijzer geworden door de reflecties van de afgelopen donkere tijd. Tijd om bij jezelf stil te staan, jezelf te doorgronden en te gaan voor wat je werkelijk wil. Terug te keren op het land, de lucht en het water achter te laten… verankeren van je wijsheid van afgelopen tijd.

Zo mijmerend loop ik het buitengebied in… het is donker, en dat zal het ook blijven. Afgelopen zondag was de maan er even… net toen ik even op een bankje ging zitten, scheen zij vol tussen twee bomen door en nadat ik haar op de foto had gezet… verdween ze weer. Deze korte ontmoetingen zijn vaak zo sterk, de timing is meestal memorabel… toeval bestaat niet, synchroniciteit wel!

De vleermuizen scheren in groten getale over het water. Ik sta waarschijnlijk net in een aanvliegroute want ze scheren echt vlak om me heen… het zijn nog net geen kolibries. Even voel ik me degene die op de klif staat te wachten op degene die terugkeert vanaf de zee 🙂 De Canadese ganzen zijn stil… gewoonlijk gakken ze me doof als ik langs kom… nu kijken ze me alleen aan. Even later, als ik in het buitengebied loop, hoor ik ze wel tekeer gaan… er nestelen zo’n 150 ganzen en sommige hebben al kleintjes 🙂

In de verte hoor ik de koekoek nog… en het is toch al flink donker ondertussen… en dan zwijgt deze ook. Niets en niemand te zien… voor mijn oog. Zondag liep ik ook in de schemering in het bos en stelde ik me open voor een ontmoeting met boswezens… een open mind… geen overtuiging hebben of ze wel of niet bestaan… gewoon open stellen. Dit doet iets met me… ik merk dat ik terug deins… eng! De hele omgeving verandert als ik dit doe… ik ga hier mee oefenen… kijken wat me tegenhoudt.

Het bos is donker! Het doemt op… vooral met de ervaring van afgelopen zondag 🙂 Yoh, denkwerk!

Als ik bij het schelpenpad kom naar Boompje… ga ik naast het pad lopen, in het gras… stilte. Als ik bij Boompje kom, maak ik niet direct contact… eerst de atmosfeer inademen, stil worden. Dan maak ik contact… ”RUIMTE!” Luid en duidelijk… ik krijg ruimte! Ik krijg alle ruimte 🙂

Ik ben blij verrast… hier kan ik dus echt alle kanten mee op!

Ik besluit het donkere bos verder in te lopen… naast het pad. Als ik de weg naar de brug van de klif in loop, die ik gewoonlijk af loop, sla ik voor de brug… links af. Een prachtig pad, begroeid met gras. Zo kan ik stil lopen… en meer dwalen… het geeft me rust. Op dit pad is ook meer lucht en ruimte, ik durf niet af te stemmen op boswezens… ik ben bang om te schrikken 🙂 Wat zou er kunnen gebeuren? Elfen, gnomen, aardwezens… niet oordelen… alleen openstellen. Mooi voor een andere keer. Ik zou, denk ik, flink schrikken als er een ree of vos voor me zou staan… wat toch al eens is gebeurd en toen schrok ik niet. Zo zie je maar weer… we creëren onze eigen hersenspinsels. Toch ga ik het nogmaals doen… maar wel overdag! Het schijnt dat je het ook met overleden mensen kan doen… synchroniseren… eng allemaal. Tijd en ruimte overstijgen… tijd nemen/krijgen en ruimte nemen/krijgen… grappig, het klopt. Zo mijmerend loop ik door het stille bos… afgelopen zondag zag ik tot mijn verbazing dat er iemand op ‘de heuvel van de barden’, in de bosjes, een tentje heeft opgezet. Ik ben dus niet de enige die niet bang is in het stille en donkere bos… best eng 🙂 Ik ben er altijd gerust op dat mensen bang zijn in het donker en dus herrie maken als ze in het donkere bos lopen… met elkaar… niet alleen, en dan is er opeens een tentje. Weer hersenspinsels…

Op de klif word je opgewacht door iemand… gek is dat ik hier nooit een beeld bij krijg. Als ik nou eens naar dat tentje had toegelopen? Misschien heb ik wel een kans laten liggen… morgen eens naar toe wandelen… wie weet staat het er nog 🙂 Angst voor het onbekende, de onbekende.

Van de stilte genietend loop ik de brug met één reling over en de dijk op. Aan het einde van de dijk valt het me op hoe weinig lantaarns hier staan… drie in het hele gebied.

Zondag kwam ik hier Luca tegen, hij holde me tegemoet en we hebben lang geknuffeld… en ik heb weer een schemeringfoto van hem kunnen nemen 😉 op een of andere manier krijg ik geen goede foto van hem… het is te donker of mijn accu is leeg. En hij blijft bewegen en kopjes geven tegen mijn camera.

Maar nu is hij er niet. Ik besluit nog even op het hek te klimmen en zit zo een tijd lang over de weilanden te staren… niets. Wel komt er een grondmist opzetten… dat maakt het nog schimmiger.

Langs de sloten bloeien de lissen… ik besluit dat de gele lis dit jaar de bloem is die ik de havik aan zal reiken. Een zuiverende plant en een symbool van het voorjaar… waar zij verschijnt zuivert zij het water… water is emotie. Emotie niet vervuild door onbewuste hersenspinsels… emotie is een product van mijn denken. Mooi symbolisch, net teruggekeerd van het grote water… hopelijk schoon achtergelaten… ik dacht het wel.

Even op internet gezocht en het volgende gevonden:

Vol symboliekDe gele lis stond model voor de ’fleur de lys’ in het wapen van de Franse koningen. Het Merovingische leger, in oorlog met de Hunnen, ontdekte dank zij deze irissen een doorwaadbare plaats in de Rijn. Uit dankbaarheid kwam zij zo wellicht in het blazoen. Op de grafzerk van koning Dagobert (+639) figureert de gouden lis al en zal daarna al de gekroonde hoofden van Frankrijk sieren. De driedelige irisvorm werd het symbool van het christendom in de kruistocht van 1137 onder Louis VII en ze werd toen bekend onder de naam ’fleur de Louis’ (bloem van Louis), wat daarna veranderde in ’fleur de luce’ (bloem van licht). De naam verbasterde tot ’fleur de lys’ en tot het huidige ’fleur de lis’. Kroningsgewaden, kerkelijke voorwerpen, kruisen en degelijke werden vaak van ’lelies’ op een blauw veld voorzien.

Dezelfde ’lelie’, die dus eigenlijk een iris is, is ook het embleem van de padvinders. Dit embleem is tegelijkertijd de verfraaide vorm van het achtspakige zonnerad of jaardiagram (windroos) en de gestileerde zestallige bloem (lelie of iris). Het zestallige of dubbel-drietallige was voor de middeleeuwers het symbool van de heilige drievuldigheid. Daarom zijn drie- en zestallige bloemen heilige bloemen. In de fleur de lis ziet men de hemelse drieheid bovenaan, de drieheid der onderwereld onderaan en daartussen het aardvlak.”

De gele lis is qua bloemstructuur de maat 3… drievuldigheid, drie kroonbladeren, drie kelkbladeren, drie meeldraden en de vrucht is driehoekig. Leuk om zo de gele lis eens te bezien.

Na een stevige wandeling, zonder zichtbare maan, kom ik zeer voldaan thuis. Volgende keer zal ik weer met mijn ruimte gaan werken… open stellen, niet oordelen… het doet iets 🙂 Ruimte is er alleen als je het niet zelf vol stouwt… en dan kan je ontvangen… vol verwachting ga ik dit mind-avontuur aan 🙂

Liefs, Loes.

Gele lis. Foto Loes.

Geplaatst in Artikelen, Volle Maan Wandelingen | Getagged , , | Reacties uitgeschakeld voor 6 mei 2012 – Volle maan van de Havik, Beltaine

Review: Real Energy

Cover of the book Real Energy
Real energy – systems, spirits, and substances to heal, change, and grow

Phaedra and Isaac Bonewits
New Page Books, 2007. 287 p. ISBN 978-1-56414-904-6

Psi, prana, mana, chi, divine power, the Tao, reiki or ‘vibes’ – every system of magic calls the energies that power it by different names. Whatever the name, the energy is real.
Energy is a term used by both physicists and other scientists, and by magicians and spiritual teachers. The first chapter explores definitions of energy and what energy is and how is has been seen in the past. Then Isaac and Phaedra discuss the laws of magic in a chapter that should be sold separately for its own merits. And those chapters are just the general background. The rest of the book goes on to describe energies that can be found in the environment, such as the energies of the elements; cosmic and earth energies; Chinese esoteric energies and the energies of rocks, plants and animals, and energies from people and spirits. Included in that part are paranormal and psychic powers; esoteric anatomy and physiology and energies from ‘spirits’ (here including elementals and nature spirits, angels, demons and daemons, faeries, fairies and aliens, devas and deities and ‘ Gaia and the Supreme Being’).
In the book are several exercises to explore kinds of energy. The last part deals with methods of generating and focusing mystical energies. ‘Real Energy’ shows how to work with different energy systems, with tips from scientists, artists, magicians and spiritual teachers. And with a great sense of humour, as well as common sense.
The question whether ‘paranormal and psychic powers’ are real is addressed in that chapter. Magicians and other people using the energy know it is real. Some scientists have researched it thoroughly and came to the conclusion that “something is going on that can’t be explained away by the envious or the cynical”. Or as Isaac likes to put it: there are three magical laws of statistics: once is dumb luck, twice is coincidence, and three times is SOmbody trying to tell you Something. “As for defining what’s real, that’s a job for philosophers. We magical types will happily stick with the magical law of pragmatism. If something works (on whatever level of reality that concerns you), then it’s true on that level”.
And with their combined knowledge and experience the authors know very well how to teach ways of using energy, combining both the theory and practice of energy work, to practitioners of all kinds of fields.
Highly recommended!

Geplaatst in Boeken, English articles, Recensies | Getagged , , | Reacties uitgeschakeld voor Review: Real Energy

Recensie: De symboliek van bomen

Abe J. van der Veen
De symboliek van bomen – volgens de Keltische bomenkalender
Alphen aan den Rijn, mijnbestseller.nl, 114 p. ISBN 9789461932013

Voorkant van het boek De symboliek van bomen

Abe van der Veen is al jaren bekend als verhalenverteller en begeleider van boomwandelingen, en combineert dat nu in een toegankelijk boek over de symboliek van bomen. De Keltische bomenkalender is de basis, maar Abe gebruikt een aangepaste versie die beter overeenkomt met de symboliek. Zo plaatst hij de appelboom terug als tiende boom en combineert hij wijnrank en klimop in de elfde maand.
Voor elke boom zijn er een aantal verhalen, uit de Europese cultuur en ook wel daarbuiten (daaraan voorafgaand). Abe vertelt over het karakter van de bomen en de betekenis die zij hebben voor de mens. Hoe komt het dat mensen lapjes hangen in de eik, wie droegen er riet als scepter? Waarom staat de berk voor zuivering? Wat is de relatie tussen de meidoorn en de heks? Bij de appel komen zowel Adam, Eva en Lilith te pas, als Morgaine, Hella, Russische sprookjes, Iduna en Avalon. De meest uitgebreide hoofdstukken zijn gewijd aan de meidoorn, de eik en de hazelaar.
Dit is echt een boek om mee te nemen op je eigen bomenwandeling, of om te gebruiken als voorbereiding op een wandeling. De (zwart-wit) foto’s hebben een hele eigen, welhaast magische sfeer.

Geplaatst in Boeken | Getagged , , | 1 reactie

Je talenten ontplooien


Ben jij wie je wilt zijn? Een van de dingen die je nastreeft bij wicca is persoonlijke groei. Je komt beter tot je recht als je je talenten kunt ontplooien. Dat geldt zowel in de maatschappij als in je religieuze omgeving, in de groep waarvan je deel uitmaakt (coven of anderszins). Je bent gelukkiger als je kunt doen wat bij je past, en houdt energie over voor de dingen in je leven die nu eenmaal moeten gebeuren. En ‘jezelf kennen’ is een basis in magisch werk, en helpt je ook in je dagelijks leven.

Je eigenschappen
Als je begint met wicca of een (andere) magische training, is een van de eerste oefeningen die je doet het in kaart brengen van je eigenschappen. Je neemt een week de tijd om na te denken over je karakter, zowel de positieve als de negatieve kanten, en die op te schrijven. Daarna trek je nog een week ervoor uit om al je eigenschappen onder te brengen bij de elementen. Je ziet dan of het in balans is of niet: of je meer positieve of negatieve eigenschappen hebt en of bepaalde elementen oververtegenwoordigd zijn. Ook krijg je advies over wat je kunt doen om meer in evenwicht te komen.

Sindsdien heb je waarschijnlijk niet meer naar die lijst omgekeken. Misschien heb je in jaren niet meer stilgestaan bij je eigenschappen. Is die balans inmiddels bereikt of is het gebleven bij goede voornemens?
In dit artikel wil ik een andere invalshoek gebruiken. Wel een die gericht is op persoonlijke groei.

Je talenten
Wat is jouw talent, of wat zijn jouw talenten, want het kunnen er meer zijn dan één. Je kunt twee aspecten onderscheiden: begaafdheid, dat is iets dat jou moeiteloos afgaat (maar waarvan anderen denken dat het moeilijk is). En passie: je krijgt er energie van als je ermee bezig bent, in plaats van dat het je energie kost. Misschien kost het je wel zweetdruppels, en niets gaat helemaal vanzelf, maar als je iets doet waar je echt goed in bent, voel je je eerder opgeladen dan uitgeput na afloop van die activiteit. Je gaat fluitend naar je werk, en ook weer fluitend naar huis.

Hoe kom je erachter wat jouw talent is? Je kunt natuurlijk bij jezelf te rade gaan. Zet nogmaals je eigenschappen op een rijtje, maar nu met de invalshoek: ‘gaat me makkelijk af’ en ‘daar krijg ik energie van’. (Het blijft nu bij één – positief – rijtje). Denk niet alleen aan voor de hand liggende dingen, maar bijvoorbeeld ook aan gastvrijheid, patronen zien, een katalysator zijn, de nar, de dompteur, een allrounder of de ‘advocaat van de duivel’: degene die steeds vraagt ‘waarom?’.
Om uit te vinden wat jouw talent is, kun je bijvoorbeeld vragen: wat drijft je (prestatiegerichtheid, competitie, enz.), wat is de natuur van je relaties (communicatie, harmonie, verantwoordelijkheidsbesef enz.), hoe krijg je ‘commitment’, hoe los je problemen op, welke structuren zie je.

Ook kun je aan anderen vragen wat zij zien als jouw sterke punt(en), om te beginnen mensen die jou goed kennen en die je makkelijk kunt benaderen. Soms gebeurt dat al zonder dat je het zelf hoeft te organiseren, bijvoorbeeld als er op je werk een teamtraining is met het Kwaliteitenspel. Als zeven van de tien collega’s je dezelfde karakterkaart toeschuiven, dan zegt dat iets. In ieder geval over jouw rol in dat gezelschap. In verschillende omstandigheden, en in andere groepen, komen andere eigenschappen van jou naar voren, en vervul je een andere rol. Houd dat voor ogen als je een analyse maakt van je karakter: om een compleet beeld te krijgen, moet je alle posities bekijken die je inneemt in alle kringen waarin je verkeert, én de potentie die er op dit moment niet uitkomt.

Je kunt ook gebruik maken van het enneagram of de Myers Briggs Type Indicator als je toevallig al eens tests hebt gedaan waardoor je weet welk type je bent. Ga dan wel na of je datzelfde type bent in de verschillende rollen die je vervult in je leven.
Ben je in je werk vooral makelaar, bruggenbouwer, bemiddelaar, dan kun je in je spirituele leven juist heel individueel je pad bewandelen. Misschien ben je dienstverlenend in je beroep, heb je een leidende rol in religieus verband, en ben je de koppelaar of de vredestichter tussen je vrienden.

Wat past er bij je?
Dan is het nu zaak om uit te vinden in welke mate deze rollen bij je passen. Welke rollen geven je energie, welke gaan jou moeiteloos af? Dat is misschien lastig om zelf te zeggen, maar luister goed als je iemand anders hoort zeggen ‘ik wou dat ik dat kon’. Als het over iets gaat dat jou weinig moeite kost, maar dat anderen blijkbaar lastig vinden, dan kan het heel goed over een talent van jou gaan. Welke rollen of activiteiten geven je energie? Dat zijn jouw talenten. Je voelt je het lekkerst in je vel zitten als je die kunt ontplooien. Ontwikkel juist die eigenschappen, of ontwikkel ze verder. Ben je vooral goed op de korte afstand, streef er dan niet naar een marathonloper te worden. Zoek liever naar de plekken en rollen waar een sprinter op zijn plaats is.

Haal er nog eens de lijst bij van je positieve en negatieve eigenschappen. Vaak is één element sterk vertegenwoordigd in je karakter, bijvoorbeeld vuur. Als je vooral de negatieve kanten daarvan ontwikkeld hebt (bijvoorbeeld ongeduld), door de omstandigheden waarin je verkeerde, heb je waarschijnlijk ook aanleg voor de positieve aspecten van dat element (gedreven zijn, enthousiasme).
Bij vuur zijn water en lucht hulpelementen, en aarde is het tegenovergestelde element: dat wat het minst tot (bewuste) ontwikkeling is gekomen. Besteed hier toch aandacht aan, want het is mogelijk dat je hier – in je schaduwkant, je inferieure functie – je werkelijke kracht vindt. Die is onschuldig gebleven want je hebt er niet bewust iets mee gedaan. Als je die gaat ontwikkelen, kom je blokkades tegen. Richt je daarom op je meer voor de hand liggende talenten en word nog beter in waar je al goed in bent. Maar ken ook je innerlijke krachtbron, wees je bewust van je sterke en zwakke kanten, ken je eigen grenzen.

Waarom zou je dat willen weten?
Je komt beter tot je recht in situaties die bij je passen: je bent gelukkiger als je kunt doen wat je graag doet. Met je talent bezig zijn geeft je energie. Als je weet wat jouw kracht is, kun je omstandigheden opzoeken waarin je nog verder kunt groeien. En voor de mensen om je heen, degenen met wie je samen een project doet, is het goed dat jij dat doet wat jou goed ligt, zodat zij zich kunnen concentreren op waar zij goed in zijn.
Oefen dat waarin je goed bent, zodat je er nog beter in wordt. Je ontdekt zo of het echt bij je past of van tijdelijke aard is, en je ontwikkelt je vaardigheden en verbetert je technieken. Wees je bewust van wat jij te bieden hebt. Kom daar ook voor uit als het nodig is. Weet wat je belangrijk vindt in het leven, of in je werk, of elders. Stel jezelf doelen. Bepaal concreet wat je wel en niet wilt doen. Richt je op de toekomst. Stel je voor hoe je leven eruit ziet als je je doel behaald hebt. En als je iets nu nog niet kan, houd jezelf dan precies dat voor: dat je het nu nog niet kan (maar later wel). Neem de tijd voor het hele proces. Vraag er eventueel de hulp bij van een coach bij of zoek op internet naar testjes om je eigenschappen te onderzoeken. Breng niet alleen je kwaliteiten in kaart, maar ook je dromen en verlangens.

Er zijn ook dingen waar je echt niet goed in bent, en ook niet goed in zult worden omdat ze je niet liggen. Neem daar wel de verantwoordelijkheid voor en zoek naar manieren om eromheen te werken. Kijk naar Obama die niet goed schijnt te zijn in het houden van speeches. Met behulp van goede tekstschrijvers én de autocue kan hij dat aardig vermommen. In plaats van tijd te steken in het schrijven van speeches, kan hij zijn aandacht richten op waar hij wel goed in is, terwijl iemand wiens talent ligt in voordrachten schrijven precies dat doet.

Laat weten waar je goed in bent, en wat je wilt doen. Zoek een context waarin je talent gezien kan worden. Alleen dan kunnen anderen je attenderen op mogelijkheden die er zijn voor je. “Talent is er pas als het wordt gezien”. Dit filmpje illustreert dat, en het verhaal erbij misschien nog meer: Talent is er pas als het wordt gezien: Joshua Bell.

En als je aan de andere kant zit van de tafel, bij een sollicitatiegesprek of als covenleider bijvoorbeeld, dan is het handig om te weten wat voor type en wat voor talent je zoekt om de rest van de groep aan te vullen. Er zijn teams die bestaan uit allemaal dezelfde types, die het allemaal snel met elkaar eens zijn. Maar als die een product willen ontwikkelen en dat op de markt willen brengen, hebben ze ook iemand nodig die kritische vragen stelt. Een coven vol mensen die snel uit hun lijf raken en in trance gaan, heeft ook behoefte aan een anker: iemand die juist goed geaard is. Ook voor een groep is het goed om te weten wat de kracht is van die groep, waar het talent ligt van het collectief, en in welke richting je je als groep wilt ontwikkelen.

Met dank aan Peter Beschuyt en Saskia Postma die ik in het dagelijks leven tegenkwam met hun adviezen, en aan Marian Green die op de PFI-conferentie onlangs het belang benadrukte van het woord ‘yet’.

Geplaatst in Artikelen | Getagged , , | Reacties uitgeschakeld voor Je talenten ontplooien